Toekomst van de examenvoorzieningen voortgezet onderwijs
Deze week stuurde staatssecretaris Mariƫlle Paul een brief naar de Tweede Kamer over de toekomst van de examenvoorzieningen. In de brief schetst zij de contouren voor een toekomstbestendig en inclusief
examenlandschap waarin alle leerlingen, ongeacht hun ondersteuningsbehoefte, bij het eindexamen kunnen laten zien wat ze kunnen.
Sinds 2013 is het aantal vso-leerlingen dat eindexamen doet gestegen van 3000 naar bijna 5000 in 2022. De vso-school verzorgt het onderwijs voor deze leerlingen en in een zeer beperkt aantal gevallen ook de examinering. Verreweg de meeste vso-leerlingen doen examen via het staatsexamen. Deze voorziening verzorgt kwalitatief hoogwaardige en onafhankelijke examinering, met veel mogelijkheden tot maatwerk als dat nodig is. De examinering en het onderwijs liggen echter niet in dezelfde hand, wat voor leerlingen tot bepaalde nadelen leidt.
Zo wordt het college-examen mondeling afgenomen door een onbekende examinator en zijn herkansingen deels in de zomermaanden. Het staatsexamen was van oudsher een vangnetvoorziening, voor kandidaten die geen andere mogelijkheid hadden voor het behalen van een certificaat of diploma. Het vso is in de loop der tijd ook gebruik gaan maken van het staatsexamen. Dit heeft diverse redenen, zoals de kleine omvang van vso-scholen en de beperkte beschikbaarheid van vakbevoegde docenten. In de beleidsreactie op de evaluatie van de invoering van de Wet kwaliteit vso, die uw Kamer voor de zomer van 2025 zal ontvangen, wordt hierop verder ingegaan.
In de bijlage de Kamerbrief.
Download hier Eindrapportage CvTE ‘Verbeteragenda Staatsexamens vo’
Download hier Onderzoek Oberon naar de doelgroepen van de drie examenvoorzieningen