De effecten van het langdurig volgen van speciaal onderwijs op leerlingen en hun leven
Onderwerp: Wetenschap en onderzoek
Het Verwey-Jonker Instituut onderzocht de langetermijneffecten van speciaal onderwijs op leerlingen tussen 3 en 20 jaar. Leerlingen in speciaal onderwijs behalen gemiddeld lagere leerprestaties dan vergelijkbare leerlingen in regulier onderwijs, mogelijk door zwaardere problematiek en minder cognitieve uitdaging.
Sociaal gezien ervaren ze vaak positievere relaties met leeftijdsgenoten. Verschillen in welbevinden zijn klein, maar ouders en leraren rapporteren vaker een negatiever beeld. Opvallend is dan weer wel dat van alle clusters alleen in cluster 3 het welbevinden van leerlingen hoger lijkt te liggen dan in regulier onderwijs.
Het onderzoek is niet alleen relevant voor Auris (cluster 2), maar ook voor andere organisaties binnen het speciaal onderwijs. Zo zijn de effecten van leerlingen die langdurig onderwijs volgen in cluster 3 en 4 ook uitgebreid beschreven. Een aantal van deze bevindingen hebben we voor jullie samengevat:
Cluster 3
- Schooluitkomsten: Leerlingen in cluster 3 blijven op woordenschat, begrijpend lezen, technisch lezen en rekenen achter bij zorgleerlingen in regulier onderwijs. Deze achterstanden nemen toe naarmate ze ouder worden.
- Sociale uitkomsten: De relatie tussen leerkracht en leerling in cluster 3 wordt gekenmerkt door grotere afhankelijkheid van de leerling, terwijl conflicten en nabijheid vergelijkbaar zijn met regulier onderwijs. Cluster 3-leerlingen scoren lager op burgerschapscompetenties, vooral op reflectie en kennis over sociale onderwerpen.
- Welbevinden: Uit meerdere studies blijkt dat cluster 3-leerlingen zichzelf positiever beoordelen dan zorgleerlingen in regulier onderwijs, vooral op schoolmotivatie, relatie met de leerkracht en (in sommige studies) taakmotivatie en zelfvertrouwen. Jongens en meisjes verschillen hierin, met positievere effecten voor meisjes. Echter, leerkrachten signaleren een zwakkere werkhouding bij leerlingen in cluster 3.
Cluster 4
- Schooluitkomsten: Jongere leerlingen presteren vergelijkbaar en soms beter in cluster 4 dan in regulier onderwijs, maar dit keert om in de bovenbouw. Vooral technisch lezen en begrijpend lezen blijven achter. Voor leerlingen met ASS of ADHD zijn de verschillen tussen onderwijsvormen kleiner of afwezig.
- Sociale uitkomsten: Acceptatie door leeftijdsgenoten is vergelijkbaar in cluster 4 en regulier onderwijs. Conflicten met leerkrachten nemen mogelijk af na plaatsing in speciaal onderwijs, al tonen studies wisselende resultaten. Jongens scoren in cluster 4 hoger op burgerschapsvaardigheden dan meisjes. Dit is tegenovergesteld aan het patroon in regulier onderwijs.
- Welbevinden: De meeste studies tonen een vergelijkbaar welbevinden, maar sommige signaleren dat cluster 4-leerlingen zich minder prettig voelen, vooral in contact met andere leerlingen. Meisjes scoren hier slechter dan jongens. Bij zowel leerlingen met ASS als ADHD nemen gedragsproblemen na verwijzing naar speciaal onderwijs af, maar deze daling wordt ook gezien in regulier onderwijs, wat suggereert dat verbetering niet per se door de setting komt.
Download hier het gehele rapport