Verdieping: om- en afbouw gesloten jeugdzorg

08-01-2026
De december-nieuwsbrief van het Overkoepelend Netwerk Samenwerkingsverbanden ONSwv schonk speciale aandacht aan de om- en afbouw van gesloten jeugdzorg.
In dit artikel de onderwerpen die daarbij aan bod kwamen.

Dit zijn de onderwerpen:

  • Introductie
  • Aanpak onderwijscoalities
  • Mijlpalen 2025 -2026
  • AWRJ: Cijfers met een verhaal
  • StroomOP Onderwijs
1. Introductie

Met een speciale thema-editie van de nieuwsbrief van ONSwv vragen we aandacht voor de om- en afbouw van de gesloten jeugdzorg en de betekenis voor het onderwijs daarin. Deze thema-editie is redactioneel samengesteld door StroomOP Onderwijs, de landelijke projectleiders voor de onderwijscoalities en het bestuur van ONSwv. In deze editie input van onder andere van de Academische Werkplaats Risicojeugd en het ministerie van OCW. We hopen dat jullie deze nieuwsbrief ook verspreiden onder de bij jullie aangesloten scholen.

De om- en afbouw heet ook wel ‘De beweging naar NUL’. Gemeenten en jeugdzorg willen dat er in 2030 geen jongeren meer in gesloten instellingen voor jeugdhulp hoeven te verblijven. Er wordt gestuurd op de ontwikkeling van kleinschalige alternatieven, zo dicht mogelijk bij de leefomgeving van de jongere. Inmiddels is helder dat het herstel van jongeren die zijn aangewezen op specialistische vormen van jeugdhulp en behandeling belemmerd kan worden door verblijf in instellingen met een streng(er) regime en vaak ver van huis.

Kleinschalig en meer thuisnabij lijkt het antwoord. Lijkt…. Want we zijn nog maar net begonnen met de ombouw voor het onderwijs en de afbouw van de gesloten jeugdzorg is nog in volle gang. Intussen is de groep jongeren voor wie dergelijke vormen van jeugdhulp nodig zijn, er nog steeds. Onderwijs speelt een belangrijke rol voor, tijdens en na deze hulpverlening. Onderwijs als gezond en perspectief biedend element in het complexe geheel van aandachtspunten. Daarin kunnen we samen met onze scholen een belangrijke bijdrage leveren aan de (ontwikkeling van) de benodigde ondersteuning voor deze jongeren. 

In december 2021 nam de Tweede Kamer een motie aan over het stoppen met plaatsingen in de gesloten jeugdhulp. In het uitvoeringsplan hebben Rijk, gemeenten en aanbieders afspraken vastgelegd over het toewerken naar jeugdhulp die kleinschalig, zoveel mogelijk open en zo thuis mogelijk georganiseerd is. Afgesproken is dat de regio’s verantwoordelijk zijn voor de afbouw van gesloten jeugdhulp en opbouw van alternatieven. Het ministerie van VWS en de VNG voeren de landelijke regie op de voortgang in en de samenhang tussen de regio’s.  De beweging naar NUL begon dus bij de jeugdzorg en de gemeenten, onder de verantwoordelijkheid van het ministerie van VWS.

Snel kwam op tafel dat de afbouw van de instellingen ook de afbouw van het residentieel onderwijs inhoudt. Residentiële scholen waren en zijn grotendeels nog direct verbonden aan de instellingen. Wat voor de instellingen geldt, geldt daarom ook voor het onderwijs: het is van belang dat we voor de groep jongeren met complexe ondersteuningsbehoeften meer thuisnabij passende alternatieven ontwikkelen. Deze zijn belangrijk voor jongeren in (kleinschalige) instellingen in wijken, maar ook voor alle jongeren met soortgelijke ondersteuningsbehoeften. Het kunnen volgen van een passend onderwijsaanbod heeft een belangrijke preventieve werking voor deze doelgroep en simpelweg voor alle leerlingen.

Het verbinden van zorg en onderwijs voor deze jongeren is in de praktijk weerbarstig. Veiligheid voor de jongere en diens omgeving heeft vaak hoge prioriteit, met regelmaat is er nog sprake van spoedplaatsingen en daarna worden de interventies voor behandeling en herstel georganiseerd. Het onderwijsaanbod heeft niet in alle situaties de hoogste prioriteit. En tegelijkertijd geven jongeren zelf aan dat hun perspectief en volgen van onderwijs belangrijke pijlers vormen in hun leven. Vanuit diverse invalshoeken wordt steeds meer gepleit om veiligheid, herstel en perspectief in een onverbrekelijke driehoek te zetten: heb ‘naast elkaar’ aandacht voor deze drie belangen van de jongere, in plaats van ‘na elkaar’. 

Alle samenwerkingsverbanden voor vo en daarmee hun scholen maken deel uit van een onderwijscoalitie voor de om- en afbouw van residentieel onderwijs. Begin december hebben alle coalities de beschikking voor de tweede subsidieperiode ontvangen, zodat de komende drie jaar verder gewerkt kan worden aan de reeds in gang gezette ontwikkelingen.  

Deze ontwikkelingen zijn – middels de inrichting van coalities – regionaal georiënteerd en kunnen daarmee aansluiten op de ontwikkelingen in de eigen regio.   Deze editie van de nieuwsbrief van ONSwv verschijnt rond de kerst van 2025. Een periode bij uitstek om na te denken over ‘plek in de herberg’ en manieren om jongeren welkom te blijven heten in onze scholen. Dat dat niet altijd meevalt en dat er nog veel te doen is, realiseren we ons terdege. Bij deze dan ook onze warme oproep aan elkaar voor 2026 om voor deze groep jongeren een plek in de herberg te houden en met aandacht voor elkaar te werken aan de ondersteuning die daarvoor nodig is.  

Met hartelijke groet,  Frans Jordaan – bestuur ONSwv Pieter van Dijk en Jeanet Vroom-Kasper – landelijk projectleiders OAGJ voor het onderwijsveld

2. Aanpak onderwijscoalities

Sinds 2021 is de beweging ingezet om op termijn de gesloten jeugdhulp te sluiten. Na politieke besluitvorming over de beoogde termijn en resultaten, is ‘de beweging naar 0 gesloten plekken’ ingezet met als einddoel om in 2030 geen gesloten jeugdhulp meer te hebben. In 2030 moeten de huidige grootschalige aanbieders omgebouwd te zijn naar kleinschalige, open plekken. Deze beweging is onderdeel van de Hervormingsagenda Jeugd en de transformatieopdracht die daarmee gemoeid is, wordt vanuit een programmateam interdepartementaal uitgevoerd met het Ministerie van J&V en het Ministerie van OCW.

In 2022 is het Ministerie van OCW aangehaakt op deze beweging en de effecten die dat heeft voor de onderwijsplekken binnen de residentiële instellingen. In het land zijn onderwijscoalities gevormd van samenwerkingsverbanden en scholen voor residentieel onderwijs en gemeenten. Deze onderwijscoalities zijn vanaf 2023 ingericht en hebben plannen van aanpak gemaakt voor een regiospecifieke aanpak. Voor de aanpak vanuit de jeugdhulp is Nederland in 7 landsdelen ingedeeld. De onderwijscoalities zijn in beginsel met 16 van start gegaan. Vanaf 2025 zijn er nog 12 coalities. Een aantal is samengevoegd in aansluiting op bestaande jeugdhulpregio’s. 

De onderwijscoalities en de daarbij aangesloten gemeenten proberen vanuit de regio specifieke vraagstukken (ingegeven door aantallen jongeren die verblijven in de gesloten jeugdhulp, het aantal lokale zorgaanbieders met alternatieve mogelijkheden, de aansluitmogelijkheden op het voortgezet- en middelbaar beroepsonderwijs) beleid te maken om zo thuisnabij mogelijk een aanbod te organiseren voor de ontwikkeling van de jongeren. Onderwijscoalities hebben een penvoerend samenwerkingsverband en een projectleider. Deze projectleiders stemmen regelmatig met elkaar af, zowel onderling als gezamenlijk. Landelijk zijn er twee projectleiders die zich richten op de afstemming tussen de onderwijscoalities en de vertaalslag van generieke en specifieke vragen richting de Ministeries van OCW en VWS, via het programmateam Transformatie Gesloten Jeugdhulp (TGJ).

Doelstelling van de landelijke projectleiders is om de afstemming tussen de partijen te optimaliseren, bij te dragen aan onderlinge uitwisseling van de onderwijscoalities en te werken aan een lerend netwerk vanuit de praktijkervaringen. De landelijke projectleiding werkt via het penvoerderschap van de sectorraad GO aan de opdracht vanuit het ministerie van OCW en het programmateam TGJ. De afstemming met het brede veld vindt plaats in de responsgroep, bestaande uit deelnemers namens de VO-raad, de PO-Raad, Sectorraad GO, de MBO-raad, ONSwv, VNG en het Ministerie van OCW. Bij de bijeenkomst van de responsgroep zijn ook de adviseurs aanwezig van de Academische Werkplaats Risicojeugd, StroomOp Onderwijs, Expertgroep jeugd en het NJI.

3. Mijlpalen 2025 -2026

Op 13 juni kwamen ruim honderd mensen uit het hele land in Utrecht bijeen voor de eerste landelijke Expertsessie, georganiseerd door de onderwijscoalities, GO-raad en StroomOP Onderwijs. Vanuit onderwijs, jeugdhulp, justitie en andere invalshoeken werd er gebrainstormd over zeven verbeterkansen en mogelijke oplossingen voor beter onderwijs tijdens en na gesloten jeugdhulp.Hoe deze dag verliep, lees je hier! 

De oplossingsrichtingen die tijdens deze dag zijn bedacht, zijn door adviesbureau AEF gebundeld en besproken met onder meer verschillende ministeries, onderwijspartijen, het landelijke programmateam TGJ, Jeugdzorg Nederland, VNG en StroomOP Onderwijs. Er is bekeken welke voorstellen kansrijk zijn, welke prioriteit hebben en wat er nodig is om ze verder uit te werken. Op basis daarvan is het ministerie van OCW tot een plan gekomen om vanaf januari 2026 kansrijke oplossingen uit te werken. Het ministerie van OCW heeft hiervoor een aantal belangrijke mijlpalen op een rijtje gezet. De meest kansrijke oplossingsrichtingen van 13 juni zijn daar ook in meegenomen.

In het overzicht staan: de belangrijkste acties en initiatieven van 2025 en 2026;de landelijke mogelijkheden voor ondersteuning;de huidige en komende ontwikkelingen binnen beleid.Bekijk het overzicht van mijlpalen! Sommige van de thema’s die in het overzicht worden genoemd, worden zoveel mogelijk opgepakt in afstemming met bestaande overleggen. Waar grote behoefte aan is, zijn de ervaringen vanuit de praktijk over het hoe en waarom oplossingen werken of niet.

Omdat de aantallen jongeren niet groot zijn in verhouding tot de totale populatie van schoolgaande jeugd, is het moeilijk om generieke oplossingen te bieden. De afbouw van de gesloten jeugdhulp startte bij een kleine 2000 jongeren en anno 2025 zijn er nog een kleine 500 jongeren die onderwijs volgt binnen de gesloten jeugdhulp. De Academische Werkplaats Risicojeugd en bijeenkomsten van StroomOp Onderwijs zijn twee belangrijke elementen in de transitieperiode waarin we ons bevinden.

4. AWRJ: Cijfers met een verhaal

De Academische Werkplaats Risicojeugd (AWRJ) is een samenwerkingsverband van praktijkinstellingen, universiteiten, hogescholen, ervaringsdeskundigen en gemeenten. Samen doen zij praktijkgericht onderzoek om de zorg en het onderwijs voor jongeren en hun gezinnen te verbeteren. Eén van de thema’s waar de werkplaats zich over buigt is de om- en afbouw van de gesloten jeugdzorg. Daarbinnen wordt onder meer gekeken naar hoe het onderwijs vóór, tijdens en na de plaatsing in de gesloten jeugdzorg eruitziet, welke knelpunten en succesfactoren worden ervaren en hoe jongeren zelf hun onderwijs beleven. 

De werkplaats heeft hiervoor een datamonitor ontwikkeld. Aan de hand van deze data voeren ze gesprekken met betrokken jongeren, ouders en professionals om zo ook het verhaal bij de cijfers op te halen. Herkennen zij het beeld uit de monitor? Hoe verklaren ze wat we zien? Wat vinden ze daarvan en wat kan iedere partij doen om te blijven verbeteren?

Daarnaast voert de AWRJ doorlopend verdiepend onderzoek uit. Op dit moment wordt er bijvoorbeeld gekeken naar de factoren die onderwijs in kleinschalige voorzieningen waar geen residentiële school meer aan verbonden is bevorderen of juist belemmeren. In dit interview met directeur Eva Mulder lees je over de verschillende manieren waarop jongeren het fundament vormen van hun onderzoek! Door cijfers tot leven te brengen met verhalen, draagt de AWRJ niet alleen kennis aan, maar laten ze ook zien in welke richtingen we oplossingen kunnen vinden. Door zichtbaar te maken waar systemen vastlopen en wat jongeren nodig hebben, leren we wanneer en waarom schoolloopbanen kwetsbaar worden en welke voorwaarden juist zorgen voor continuïteit, vertrouwen en groei. Zo bouwen we stap voor stap aan een onderwijssysteem waarin jongeren kunnen blijven leren en zich ontwikkelen. 

Meer weten? AWRJ | Passend onderwijs binnen de transformatie van de JeugdzorgPlus of kom in contact met projectleider Sanne Pronk via s.pronk@amsterdamumc.nl.

5. StroomOP Onderwijs

De om- en afbouw van de gesloten jeugdzorg vraagt inzet van iedereen. StroomOP Onderwijs is een beweging van ouders, jeugdhulp, onderwijs, gemeenten en andere professionals die samen tijdens StroomOP-sessies in actie komen om te werken aan nul onderbroken schoolloopbanen. StroomOP-sessies worden ook ingezet bij het maken van plannen voor jongeren in en na een periode in gesloten jeugdzorg. Tijdens iedere StroomOP-sessie staat er een specifieke casus centraal: een jongere die hulp nodig heeft. Ouders, professionals en andere betrokkenen brainstormen zonder oordeel en zonder formele rollen samen over een oplossing voor deze jongere.

Iedereen kan deelnemen aan een sessie of er zelf één organiseren! We maken het klein, zodat het duidelijk is wat er moet gebeuren en we meteen kunnen beginnen. Wat heeft deze jongere nu nodig en wat kunnen wij daar zelf, binnen de bestaande kaders, vandaag nog in betekenen? Dat doen we niet alleen voor jongeren die te maken krijgen met gesloten jeugdzorg, maar voor álle jongeren voor wie onderwijs niet vanzelfsprekend is – omdat alle jongeren recht hebben op onderwijs en hulp verdienen vóórdat ze vastlopen. 

In 2025 zijn er verschillende StroomOP-sessies georganiseerd door ouders en professionals die zien dat het anders kan en moet. En dat heeft een verschil gemaakt. De opbrengsten van deze sessies worden gedeeld zodat we van elkaar kunnen leren en met de bedachte oplossingen ook zoveel mogelijk andere jongeren in het land kunnen helpen. Je leest er meer over in deze nieuwsbrief en op www.stroom-op.nl!